“Ik vond het een mooie gedachte dat al zo veel mensen zich gewarmd hadden aan deze stoofjes.”

De totstandkoming van het project en de installatie

Al van kinds af heb ik iets met ’oude spullen’. Ik kan mij nog goed herinneren dat mijn tweelingzus en ik ons uren konden vermaken op de zolder van opa en oma. Oude houten, zelfgemaakte kastjes waren gevuld met de mooiste kralen. Achter de gordijnen hingen de droogbloemen die oma met zorg had uitgekozen te wachten tot ze in een van haar prachtige stukjes verwerkt konden worden. Ik ruik in gedachten weer de geur van ons speelparadijs. Waarschijnlijk is daar mijn voorliefde voor ‘tweedehands’ al geboren.

In de zomer van 2012 zag ik tijdens een bezoek aan de kringloopwinkel een stapel oude stoofjes staan. Ze stonden er heel nonchalant en elke keer als ik er langs liep, werden mijn ogen er naar toe getrokken. Naast een paar andere mooie vondsten besloot ik ook dit stapeltje in zijn geheel mee te nemen. Ik wist nog niet wat ik er mee wilde, maar dat ik ze moest kopen was duidelijk. De stapel heeft de hele zomer in het atelier gestaan. Ik vond het een mooie gedachte dat al zo veel mensen zich gewarmd hadden aan deze stoofjes. 

Aan het einde van de zomer moest ik de stoofjes opruimen. De schilderlessen gingen weer beginnen. Maar het volgende voorjaar kwamen ze opnieuw te voorschijn.
De bedoeling van de aankoop begon me langzaam duidelijk te worden. Ik kon van de stoofjes kastjes maken. Warme herinneringskastjes. In de kastjes zouden voorwerpen kunnen komen te staan. Voorwerpen die je ooit gekregen hebt van een dierbare en die je koestert, voorwerpen die voor jou veel meer waarde hebben dan een ander zich kan voorstellen omdat er herinneringen aan vast zitten.
Het idee ontstond om elk stoofje op een fragiel onderstel te plaatsen, gemaakt van lange takken uit het bos, die ik kaal zou kunnen maken. Enigszins kwetsbaar, maar dat vond ik mooi passen bij het moment, bij het koesteren van herinneringen over wat niet meer is. Misschien zelfs wel een installatie van vrouwen over vrouwen. Op verschillende stoofjes zouden dan schoenen met hakjes kunnen komen te staan, als symbool voor de vrouwen die ze gedragen hebben en zich gewarmd hebben aan de vriendschaps- of familieband.

Ik liet het idee een poosje rusten, maar het broeide wel ergens in mijn achterhoofd.

Tegen het einde van 2013, tijdens de voorbereidingen van een eindejaarsafsluiting van een gezamenlijke netwerkgroep, vertelde ik Elke over mijn ideeën voor deze installatie.
“Wat doe je eigenlijk met al die verhalen?”, vroeg Elke. ”Zou het niet mooi zijn om de verhalen over de voorwerpen en de persoon waarmee ze verbonden zijn, vast te leggen?” En zo werd dit een hele vruchtbare middag. Elke bood die dag haar vakmanschap als schrijfster aan. Dit was prachtig en zou het project compleet maken. Het was het begin van een waardevolle samenwerking.

De tijd tikte door en er moesten concrete plannen gemaakt worden. Hoe zouden we vrouwen vinden die aan ons project wilden meewerken, die een voorwerp hadden van een dierbare die in het stoofje paste en die het ook nog eens belangrijk vonden om ons hun verhaal te vertellen? Tot onze verbazing ging dat eigenlijk heel gemakkelijk, net als de rest van het project, dat zich op een heel natuurlijke wijze ontwikkelde. Tijdens ons jaarlijkse open huis deden we een eerste oproep. Er meldden zich meteen al geïnteresseerden en in de maanden die volgen groeide ons lijstje met namen.

Er rezen ook steeds weer nieuwe vragen. In welke vorm willen we het hele project gieten? Van hoeveel voorwerpen en verhalen gaan we uit? Hoe kunnen we er voor zorgen dat de toeschouwers straks de verhalen achter de voorwerpen kunnen lezen? We hakten knopen door. We besloten om te kiezen voor ongeveer 20 stoofjes plus voorwerp en dus voor evenveel interviews. Misschien was het dan ook mooi om foto’s te maken voor bij de expositie? En panelen, met aan de voorzijde een foto van het voorwerp en aan de achterzijde het verhaal dat er bij hoort? Zo breidde ons project steeds een stapje uit.

Met gezonde spanning gingen we in het voorjaar van 2014 voor het eerste van 19 interviews naar Vera in Westenesch. Elke keer was ik weer benieuwd naar de voorwerpen, hoe ze uit zouden komen in het stoofje en naar het verhaal erachter. Het is bijzonder hoeveel de vrouwen met ons gedeeld hebben.

Ook als we bij Angelien in Zwolle zijn, hebben we een bijzonder gesprek. Angelien is al jaren een hele fijne vriendin. We kennen elkaar van de lerarenopleiding, hebben lief en leed gedeeld. Haar vriendin Pauline heb ik vaag gekend, maar in het gesprek, waarin ze ons vertelt over haar vriendschap met Pauline, krijg ik het gevoel dat  we haar leren kennen. We hebben veel gelachen om de bijzondere fratsen van Pauline, maar ook samen een traan gelaten omdat ze er niet meer is en er nog veel vragen blijven.

Angelien is deelnemer aan het project en fotografeerde later ook de voorwerpen. Op de foto’s lijkt het alsof ze vanuit het donker in het licht komen. Symbolisch, net als de voorwerpen soms jaren zorgvuldig opgeborgen waren, maar voor ons project uit de kast gehaald worden en tijdens onze gesprekken in de schijnwerper komen te staan.

Ondertussen is Koos druk bezig een goede constructie te bedenken voor de onderstellen van de stoofjes. Samen met Jantje kwam hij langs tijdens ons open huis. Ze waren allebei zeer geïnteresseerd in ons project. Als timmerman ziet Koos zeker verbeterpunten in de constructie waarmee ik de stoofjes op de poten wil bevestigen. Vol enthousiasme gaat hij in zijn schuur aan de slag en binnen de kortste tijd komt hij terug met verschillende prototypes. Hier en daar nog wat verfijnen en de basis is gelegd. En alsof we nog niet genoeg verwend zijn, biedt Koos aan om ze dan ook maar ‘even’ voor ons te maken, hij zit er nou toch helemaal in. Dit aanbod neem ik graag aan, dan kunnen wij ons weer concentreren op alle andere werkzaamheden.

We hadden al in een eerder stadium besloten dat de verhalen van de vrouwen een mooi plekje konden krijgen op de achterzijde van de paneelfoto’s. Het zou zo moeten werken: je ziet het voorwerp, raakt nieuwsgierig naar het verhaal erachter en draait daarom het paneeltje om. Als je wilt, loop je met het verhaal naar het stoofje. We kwamen er achter dat de complete versie van de verhalen te lang waren voor op de expositie. In eerste instantie hadden we het idee om bij het project een boekje met de verhalen te laten drukken. Helaas hebben we dit plan om financiële redenen moeten laten varen.
Maar hoe en waar zouden we dan de lange versie van de verhalen kunnen delen met de bezoekers? Al gauw dachten we aan een website. Daar kun je rustig bij gaan zitten en alles nog eens bekijken en lezen. Zo zouden we meerdere vliegen in een klap kunnen slaan. Op een website konden we de lange versie van de verhalen opnemen, maar ook de foto’s en achtergrondinformatie over het project. Bovendien blijven de waardevolle verhalen zo ook na de expositie beschikbaar.

Met onze vraag voor een website kwamen we terecht bij Janet van TXTWEB. Het leuke is dat we beiden Janet al kenden vanuit diezelfde netwerkgroep als waar ik Elke van ken. Vanuit haar professie dacht Janet mee over de vormgeving en vooral de technische ‘do’s en don’ts’. Het blijkt fijn om met Janet te brainstormen over de mogelijkheden en in alle rust neemt ze onze suggestie of vragen in zich op. Voor we het weten heeft Janet de mogelijkheden al onderzocht en de wijzigingen doorgevoerd.

Straks nog de installatie opbouwen in het CBK- De Fabriek en dan is het project klaar. Ach, klaar…vast niet. Want wie weet inspireert u ons voor een nieuw project.

Nog meer dan voorheen geniet ik als ik een tweedehands winkel binnenwandel en besef dat aan haast elk voorwerp een verhaal kleeft. Wie had kunnen voorzien dat een stapel stoofjes in een kringloopwinkel, de basis zou worden van een hele bijzondere samenwerking? Wat een waardevol en leerzaam project!

Ellen Kroeze

Warme herinneringen

 

Terug

 

Ellen Kroeze

 

Elke Beekman

 

Onderstellen

 

Koos Oosting

 

Onderstellen

 

Fotograferen